En zo is het ook nog eens een keer! 0
Better to write for yourself and have no public, than to write for the public and have no self. - Cyril Connolly [bio]
Better to write for yourself and have no public, than to write for the public and have no self. - Cyril Connolly [bio]

Natuurlijk is dit niet echt ons nieuwe logo, maar het had zo KUNNEN zijn als wij geen extreem goede smaak hadden gehad. Waarmee we maar willen zeggen hoe belangrijk het is dat er weblogs als zantinge.org zijn, die u vertellen wat goed voor u is en wat niet.
Bovenstaand logo gemaakt met Cooltext, dat bepaald niet cool is. [via]
Zoals eerder gemeld, krijgt zantinge.org binnenkort een (nieuw) logo. Het is bijna af en we kunnen vast onthullen dat we er zelf erg, erg tevreden mee zijn.
Het ‘plaatje’ is feitelijk klaar, waar we nog mee worstelen is de subtitel. Eerlijk gezegd zijn we gewoon een beetje klaar met de lichtelijk deprimerende subtitels van zantinge.org. We hebben de afgelopen twee jaar veel van ons cynisme achter ons gelaten (tot teleurstelling van sommige lezers) en dat willen we graag terugzien in de subtitel.
Misschien kunt u als trouwe lezer eens meedenken. Ironie en humor is ons nog steeds niet vreemd, dus we zitten niet te wachten op politiek correcte teksten. Een paar steekwoorden voor het logo: zon, een nieuwe dag, Ivar, communisme. Mail is welkom!
Inspiration is wonderful when it happens, but the writer must develop an approach for the rest of the time… The wait is simply too long. - Leonard Bernstein [bio]
Ik lees altijd meerdere boeken tegelijkertijd. Dat heeft alles te maken met ongeremd enthousiasme (ongeduld, zo u wilt); wanneer ik een boek koop wil ik direct beginnen met lezen. Helaas koop ik in een hoger tempo dan dat ik lees. Anyway, van de boeken die ik momenteel lees, ben ik vastbesloten ze allemaal tot op de laatste pagina te absorberen. Omdat ik zo enthousiast ben over deze boeken, wil ik dit graag delen. Een overzicht:
Crossing the Chasm, Geoffrey A. Moore, 1991. [link]
‘Managementliteratuur’, zoals dat zo mooi heet. Zonder teveel in details te treden, gaat het boek over de kloof tussen de “early market” en de “mainstream market” in de technologische sector. Met andere woorden: hoe zorg je er voor dat een technologisch hoogwaardig product zowel door je geek-broertje als door je moeder geadopteerd wordt? Ik ben werkzaam in de telecomsector, waar we in toenemende mate met dit probleem geconfronteerd worden. Iedereen heeft een GSM en iedereen gebruikt SMS, maar hoe realiseren we dat complexere producten zoals MMS en Wi-Fi ook een succes worden bij de massa?
Effortless Mastery, Kenny Werner, 1996. [link]
Een boek door een muzikant, voor muzikanten, maar tegelijkertijd voor iedereen die worstelt met vooruitgang in wat hij graag doet. Veel muzikanten worstelen met twijfels over hun spel; zelfkritiek doet hen verlammen en zorgt er paradoxaal genoeg voor dat ze geen stap verder komen.
Talent is niet genoeg, claimt Werner. Hij daagt uit het belang van de kwaliteit van je spel te vergeten en ontspannen te doen wat je het leukst vindt, zonder daar al te veel waarde aan te hechten. Immers, je spel als muzikant is ZO onbelangrijk in het licht van grote dingen als armoede, oorlog en ziekte. Deze staat van “free-flowing, effortless thinking” wordt onder andere bereikt door mantra’s en meditatie. Jazzpianist Werner deelt ook zijn eigen twijfels en worstelingen met zijn lezerspubliek, wat erg inspirerend werkt.
Blink, Malcolm Gladwell, 2005. [link]
Je kijkt naar een man of vrouw en weet onmiddelijk dat dit degene is met wie je de rest van je leven wilt doorbrengen. Je hoeft er geen seconde over na te denken, dit wist je direct. Blink, de kracht van het denken zonder te denken. Gladwell schreef een pleidooi voor de kracht van het ‘klein denken’, waarbij we slechts met een beperkte hoeveelheid informatie tot een beslissing kunnen komen. De sleutel is te vertrouwen op je ‘adaptieve onderbewustzijn’. Boeiend.
Don’t waste yourself in rejection, nor bark against the bad, but chant the beauty of the good. - Ralph Waldo Emerson [bio]
Vanavond het meesterlijke Glengarry Glen Ross nog eens gekeken. De film is gebaseerd op een toneelstuk van David Mamet, die er in 1984 een Pulitzer voor won. Mamet legt in zijn dialogen genadeloos vast hoe de Amerikaanse verkoopmentaliteit in het Reagan-tijdperk alle resterende menselijkheid verliest:
Dave Moss: Who are you? What’s your name?
Blake: You see this watch? You see this watch?
Dave Moss: Yeah.
Blake: That watch costs more than you car. I made $970,000 last year. How much you make? You see pal, that’s who I am, and you’re nothing. Nice guy, I don’t give a shit. Good father, fuck you. Go home and play with your kids. You wanna work here, close. You think this is abuse? You think this is abuse, you cocksucker? You can’t take this, how can you take the abuse you get on a sit?
Jack Lemmon is overigens briljant als de tragische Shelly Levine, een gladde verkoper van de oude stempel die noodgedwongen steelt om de operatie van zijn zieke dochter te kunnen bekostigen. Deed ons denken aan William H. Macy, die dit in Fargo weet te evenaren.
Humor is the great thing, the saving thing. The minute it crops up, all our irritations and resentments slip away and a sunny spirit takes their place. - Mark Twain
Gisteren zou de chemokuur van mijn moeder beginnen. Een ontsteking wierp echter roet in het eten; de oncoloog besloot de kuur met een week uit te stellen. Dat was even vervelend.
Natuurlijk zit niemand te wachten om chemische stoffen ingespoten te krijgen, maar wanneer je je geestelijk hebt voorbereid kan uitstel toch vervelender zijn dan aanvang.
Volgende week maandag mogen we terugkomen.
Onderhandelen, wie doet het niet? Als kind worden we al getraind om snoep en kadootjes los te krijgen van onze ouders. Allerlei geavanceerde strategie�n worden daarbij reeds op zeer jonge leeftijd toegepast: de kracht van herhaling (”Ah toe, mag ik? Ah toe, mag ik? Mag ik?” etc), emoties (woede en verdriet wanneer de andere partij niet direct toegeeft) en ‘als-dan’ (”Als ik nu een ijsje krijg, dan ruim ik straks m’n kamer op. Echt!”). Ouders zijn over het algemeen geen serieuze tegenpartij, maar daarmee tegelijkertijd een dankbaar oefenobject.
Op latere leeftijd zijn er serieuzer onderhandelsituaties. Denk aan de aanschaf van een auto of wasmachine of aan salarisonderhandelingen. Sommige mensen vinden het zo leuk, die maken er hun werk van (zoals ondergetekende). Hieronder een (niet uitputtende) lijst met een aantal handige tips, die ik online vond:
Barbara Braham geeft 10 handige tips, waaronder het zogenaamde ‘Triple Think’:
It s not enough to know what you want out of negotiation. You also need to anticipate what the other party wants (double think). The smart negotiator also tries to anticipate what the other party thinks you want (triple think).
Leren.nl heeft een hele cursus online, waarin onder meer wordt opgemerkt:
Onderhandelen is geven en nemen. Houd dus je wisselgeld binnen handbereik. Een goede onderhandelaar denkt vooraf na over de tegemoetkomingen die hij wil doen.
Vacature.com maakt in haar online tips onderscheid tussen drie verschillende doelstellingen: ideale doelstellingen (streefpunt), realistische doelstellingen (midpoint) en minimum doelstellingen (weerstandspunt). Dit is, in mijn ogen, essentieel.
Tricks of the Trade geeft een briljante tip:
After stating your initial offer stop talking! Breathe normally, but wait for the other party to speak next. And after they make a counteroffer, continue to hold your peace for a bit. Faced with silence, many will immediately start to sweeten the pot.
Quint Careers, tenslotte, biedt een hoop tips voor onderhandelingen over salaris.